SVBPVH VERBETERT DE PENSIOENEN IN DE HAVENSECTOR

Deze pensioenverbeteringen zijn mogelijk dankzij een lange maar succesvolle strijd om de nalatenschap van PVH, ons vroegere pensioenfonds. Die strijd leidde in 2010 tot een akkoord met Stichting Optas, waardoor we 500 miljoen euro kregen. Ten slotte bereikten we ook een akkoord met Aegon, zodat we sinds 2015 verdere pensioenverbeteringen doorvoeren. Ter waarde van nog eens 188 miljoen euro.

 

Vaak gestelde vragen

Vaak gestelde vragen aan Helpdesk Havenpensioen.

Over Stichting Vermogensbeheer en Stichting Belangenbehartiging

Waarom zijn er twee aparte stichtingen?

Stichting Belangenbehartiging streed voor het ‘beklemde’ PVH-vermogen dat eerst in handen was van Stichting Optas en later van Aegon. Die strijd vergde gerechtelijke procedures en soms confronterende demonstraties. Dit activistische karakter maakte Stichting Belangenbehartiging enigszins kwetsbaar. Ze zou, bijvoorbeeld, te maken hebben kunnen krijgen met vorderingen of claims van een partij. Om die reden is in 2010 Stichting Vermogensbeheer in het leven geroepen. 

In de loop van 2015 wordt Stichting Belangenbehartiging naar verwachting opgeheven. Haar doel is bereikt met de schikking met Stichting Optas (ter waarde van 500 miljoen euro in 2010) en de schikking met Aegon (ter waarde van 188 miljoen euro in 2015).

Stichting Vermogensbeheer gaat verder met het uitvoeren van pensioenverbeteringen in de havensector.

Waarover ging het conflict met Stichting Optas?

Stichting Optas was van eind 1997 tot eind 2007 enig aandeelhouder van Optas NV, een verzekeringsgroep die deels was voortgekomen uit het Pensioenfonds voor de Vervoer- en Havenbedrijven (PVH).

Eind 2007 verkocht Stichting Optas haar verzekeringsbedrijf aan Aegon. Ze maakte daarbij een flinke winst en wilde die besteden aan ‘kunst en cultuur’. Stichting Belangenbehartiging PVH vond dat de verkoopwinst moest toekomen aan de pensioenen van mensen in de havens.

In 2010 bereikten Stichting Optas en Stichting Belangenbehartiging een akkoord. Stichting Optas betaalde 500 miljoen euro.
Stichting Belangenbehartiging voerde daarna - tot maart 2014 - nog een strijd uit tegen Aegon om het zogeheten 'beklemde vermogen' van PVH.

Waarover ging het conflict met Aegon?

Het conflict met Aegon ging over het 'beklemde vermogen' van het vroegere Pensioenfonds voor de Vervoer- en Havenbedrijven (PVH).

PVH werd in 1948 opgericht voor de oudedagsvoorziening van werknemers en werkgevers in de bedrijfstak.
In 1998 fuseerde dit fonds met Optas Pensioenen, verzekeringsbedrijf van aandeelhouder Stichting Optas.
Eind 2007 verkocht Stichting Optas haar verzekeringsbedrijf aan Aegon, dat zo het beheer verkreeg over de pensioenregelingen van havenbedrijven. 

Het conflict ging niet over de pensioenregelingen maar over het vermogen dat het concern in handen kreeg. Want dat was het vermogen van PVH, opgebouwd met pensioengelden van werkgevers en werknemers van havenbedrijven.
Bij de overgang van PVH naar Optas was dat vermogen door de rechter 'beklemd'. Hiermee werd vastgelegd dat het alléén mocht worden gebruikt voor de pensioenvoorzieningen in de havens. AEGON erkende deze beklemming. Maar het hield jarenlang vol dat het niet verplicht was om het vermogen dan ook daadwerkelijk aan de havenpensioenen te besteden.

Uiteindelijk, in 2014, werd een principeakkoord bereikt dat definitief werd in april 2015. Aegon draagt circa 188 miljoen euro bij aan het verbeteren van de pensioenen in de havens. Samen met de 500 miljoen euro van Stichting Optas komt dat neer op 688 miljoen euro. Ter vergelijking: de waarde van het ‘beklemde vermogen’ was eind 1997 (bij de overgang van PVH naar Optas) 450 miljoen euro.

Waaruit bestaat het akkoord met Aegon?

Op donderdag 10 april 2014 bereikten Stichting Belangenbehartiging en Aegon een principeakkoord over het 'beklemde vermogen' dat bij Aegon terechtkwam door de aankoop van Optas Pensioenen in 2007. Dit principeakkoord is op 13 januari 2015 door de rechter in Rotterdam bekrachtigd en officieel geworden op 13 april 2015.

Het akkoord bestaat eruit dat Aegon de havengemeenschap op drie manieren compensatie biedt: 

  • 88 miljoen euro in de vorm van 55 extra basispunten bij de inkoop van een ouderdomspensioen 
  • 20 miljoen euro in de vorm van een bijdrage aan netto-pensioensparen
  • 80 miljoen euro rechtstreeks door een betaling aan Stichting Vermogensbeheer 

 

Wat is het ‘beklemde vermogen’?

Beklemd vermogen is wettelijk vastgelegd vermogen.
Zo'n wettelijke beklemming is een standaardprocedure wanneer een stichting (zonder winstoogmerk) overgaat in een bedrijf (met winstoogmerk).
Met een beklemming bepaalt de rechter dat het nieuwe bedrijf het vermogen van de vroegere stichting niet mag gebruiken voor iets anders dan waar het oorspronkelijk voor bedoeld was.

Op deze manier was destijds ook het vermogen van Stichting Pensioenfonds voor de Vervoer- en Havenbedrijven (PVH) beklemd toen zij in 1997 overging in de naamloze vennootschap Optas Pensioenen.
In 2007 nam Aegon Optas Pensioenen over, mét het nog altijd beklemde PVH-vermogen. Vanaf dat moment bond onze Stichting de strijd aan tegen Aegon, met de bedoeling het vermogen terug te halen naar haar oorspronkelijke doel: de pensioenrechten in de havensector.

In 2014 kwam het tot een principeakkoord waarbij de afspraak is gemaakt dat Aegon vanaf 2015 voor circa 188 miljoen euro bijdraagt aan pensioenvoorzieningen van havenbedrijven.

Hoe is het 'beklemde vermogen' nu 'ontklemd' geraakt?

Op 13 januari 2015 verleende de rechter in Rotterdam goedkeuring aan het akkoord met Aegon. Daarmee verviel de beklemming op het 'beklemde' deel van het vroegere PVH-vermogen. De waarde hiervan was 450 miljoen euro op het moment van de overgang van PVH naar Optas (31 december 1997).

In juni 2014 had onze achterban al zijn goedkeuring aan het Aegon-akkoord verleend. Dat gebeurde in een referendum waarin 94% van de uitgebrachte stemmen 'ja' zei tegen ontklemming in combinatie met een bijdrage van circa 188 miljoen euro. Met deze bijdrage van Aegon én de 500 miljoen euro die Stichting Optas in 2010 betaalde, kan in totaal 688 miljoen euro worden besteed aan verschillende Stappen ter verbetering van pensioenvoorzieningen.

Waarom kunnen gepensioneerden geen aanspraak maken op het ‘ontklemde' beklemde vermogen?

Omdat zij (en de partners van overleden collega’s) als 'voorschot' op het beklemde vermogen al in Stap 1 en 2 een beter pensioen kregen. Dankzij het geld van de Optas-schikking, dat eigenlijk is terug te voeren op de verkoopwinst van Optas Pensioenen aan Aegon. 
Het beschikbaar gekomen gedeelte van het ‘beklemde vermogen’ (via een akkoord met Aegon) wordt daarom besteed aan de pensioenvoorziening van actieve havenwerkers.

Over vermogensbeheer en -besteding

Wat gebeurde er met de 500 miljoen euro van Stichting Optas?

De 500 miljoen van Stichting Optas zijn, of worden, besteed aan de volgende verbeteringen: 

  • Stap 1 (PVH-Plus) is gezet. De bij PVH opgebouwde pensioenrechten kregen een aanvulling van 13,56 %.
  • Stap 2 (Optas 1-Plus) is gezet. Het voor 1998 opgebouwde Optas 1-pensioen kreeg over maximaal 15.000 euro een aanvulling van 7,25%.
  • Stap 3 is in uitvoering via de bedrijven. Daar verbeteren de pensioenrechten van de zogeheten B-deelnemers (mensen van de geboortejaren 1950-1976 die voor 1998 in dienst waren). Hun werkgever ontvangt voor deze structurele pensioenverbetering een bijdrage van 2000 euro per persoon per jaar.
  • Stap 4 ging van start per 1 september 2013 en verloopt in fasen:
    • De eerste fase is bestemd voor medewerkers (ongeacht hun functie) van de geboortejaren 1950-1959 die per 31 december 1997 een pensioenregeling hadden bij PVH of een pensioenverzekering bij Optas 1. Zij krijgen een Dienstjarenpremie als zij deelnemen aan een door de Stichting goedgekeurde Senioren FIT-regeling.
    • De tweede fase van Stap 4 volgt op de langere termijn. Over de precieze uitwerking daarvan is nog niets te zeggen. Het enige dat vaststaat, is dat de tweede fase ten goede komt aan medewerkers die zijn geboren op 1 januari 1960 of daarna en die werken bij een bedrijf waarvoor Aegon/Optas per 1 april 2010 een pensioenregeling uitvoerde.
    • Over de vraag wat er moest gebeuren met de 500 miljoen euro van Stichting Optas organiseerde Stichting Belangenbehartiging in april 2010 een stemming onder haar achterban. Van de bijna elfduizend (oud)havenwerkers die hun stem uitbrachten, stemde 89% in met bovenstaande verdeling.

Download Uitslag achterbanraadpleging april 2010.

Wat gebeurt er met de 188 miljoen van Aegon?

Op de vraag wat er moest gebeuren met het resultaat van de overeenkomst met Aegon is in juni 2014 een referendum gehouden. Hierin stemde 94% van de uitgebrachte stemmen voor 'ontklemming van het beklemde vermogen' in combinatie met de onderstaande compensatiemaatregelen:

  • In totaal 88 miljoen euro wordt aan circa 9 duizend rechthebbenden door Aegon toegekend. Dit gebeurt bij de aankoop van een pensioenuitkering, wanneer Aegon 55 extra basispunten berekent. Dat komt neer op 0,55% rente bovenop de dan geldende marktrente.
  • In totaal 20 miljoen euro legt Aegon bij op een regeling voor netto pensioensparen.
  • Uiteindelijk wordt in totaal 80 miljoen euro door Aegon aan Stichting Vermogensbeheer betaald. Hoe, en ten gunste van welke doelgroepen dit geld wordt besteed, is onderwerp van studie.

Wat doet de Stichting met het geld dat nog niet is gebruikt?

Stichting Vermogensbeheer brengt geld dat niet (direct) nodig is steeds zo veilig mogelijk onder. Tot nu toe voornamelijk via beleggingen in staatsobligaties. Daaraan zijn kosten verbonden. Maar het is in financieel woelige tijden wel de veiligste optie.

Er gaat ook veel geld uit: In 2011 betaalden we voor de aanvulling op de PVH-rechten van operationele (oud)werknemers en in 2012 voor de aanvulling op het Optas 1-pensioen van (oud)kantoormedewerkers.
In 2012, 2013 en 2014 zijn ook grote sommen besteed aan het uitvoeren van de Stappen 3 (verbetering van de B-regeling) en 4 (FIT met Dienstjarenpremie).

Het bedrag dat is bestemd voor de tweede fase van Stap 4 (100 miljoen euro) kan langduriger worden belegd. Maar ook dan geldt: veiligheid gaat boven winst.

Van de schikking met Aegon krijgen we maar een beperkt bedrag in handen. Aegon verzorgt zelf (onder accountantscontrole) de toekenning van de extra rente bij de aankoop van een pensioenuitkering. Hiermee is in totaal 88 miljoen euro gemoeid.
De 20 miljoen euro die Aegon bijdraagt aan netto pensioensparen wordt wel aan de Stichting uitbetaald, maar dat gebeurt pas als duidelijk is hoe deze spaarvorm er precies uit gaat zien. Daar wordt door Aegon nog aan gewerkt.
De resterende 80 miljoen euro wordt binnenkort naar de Stichting overgemaakt. Dit geld wordt in eerste instantie kortlopend belegd, totdat bekend is op welke manier het wordt ingezet.

Stap 1

Welk bedrag kreeg een aanvulling van 13,56 %?

De pensioenrechten die u vanaf uw 21ste verjaardag tot aan 1 januari 1998 hebt opgebouwd bij het Pensioenfonds voor de Vervoer- en Havenbedrijven.

Woensdag 31 december 1997 was de laatste dag in het bestaan van het PVH. Als u daarvoor bij een havenbedrijf een operationele functie had, bouwde u PVH-pensioen op. Ongeacht of dat tientallen jaren achtereen was, of zo af en toe voor een korte periode.

Hebt u veel dienstjaren achter de rug? Dan staat er een groot bedrag aan PVH-pensioen op uw naam. Op dat bedrag kreeg u een aanvulling van 13,56 %. Hebt u maar heel kort in de havens gewerkt, dan is uw PVH-pensioen natuurlijk veel kleiner. Maar ook op dat kleine bedrag kreeg u een aanvulling van 13,56 %.

Stichting Vermogensbeheer heeft geen toegang tot informatie over uw persoonlijke totaalstand aan PVH-pensioen. Kijk daarvoor op uw meest recente pensioenoverzichten (UPO's). Als u het juiste overzicht bij de hand hebt, moet daarop te vinden zijn welk bedrag u voor 1998 bij PVH hebt opgebouwd.

Moet ik iets doen om de aanvulling te krijgen?

U hoeft niets te doen. Als u recht hebt op een aanvulling, krijgt u daarover vanzelf bericht per post.

Hebt u zich al aangemeld voor de nieuwsbrief? U krijgt dan automatisch per e-mail bericht wanneer de website nieuwe informatie bevat. Dan hoort u ook van ons wanneer er per post brieven worden verstuurd.

Waarom staat er steeds 'PVH-pensioen'?

Dat is om duidelijk te maken dat de aanvulling in Stap 1 alleen geldt voor pensioenrechten die zijn opgebouwd bij het Pensioenfonds voor de Vervoer- en Havenbedrijven.

Veel mensen hebben daarnaast ook pensioenrechten opgebouwd bij andere fondsen of pensioenverzekeraars. Díe pensioenrechten gaan niet omhoog. Het gaat alleen om dat gedeelte van uw pensioen(uitkering) dat afkomstig is van uw tijd bij het PVH. En uiteraard moet u die PVH-pensioenrechten niet tussentijds hebben overgedragen naar een andere pensioenverzekeraar of -fonds (waardeoverdracht).

Wat is het verschil tussen PVH en Optas 1?

Operationele medewerkers hebben tot eind 1997 pensioen opgebouwd onder de naam van het Pensioenfonds PVH.
Kantoorpersoneel bouwde destijds al pensioen op onder de naam Optas 1.

Waar het om gaat, is dat u geld kreeg als u vóór 1998 een pensioenregeling had bij een havenbedrijf. Het maakt niet uit of die regeling 'PVH' of 'Optas 1' werd genoemd.
Het verschil is dat de PVH-pensioenen eerder aan de beurt waren. In stap 1 kregen operationele (oud)medewerkers en hun nabestaanden al een hoger pensioen.
Daarna, in stap 2, verbeterden de Optas 1-rechten van mensen in een kantoorfunctie.

Voor beide groepen is verhoudingsgewijs evenveel geld uitgetrokken.

Wat gebeurt er als je pensioenrechten hebt bij PVH én bij Optas 1?

Als u voor 1998 zowel op kantoor als buiten hebt gewerkt, hebt u twee 'soorten' pensioenregelingen. Het pensioen dat u hebt opgebouwd in de periode van uw kantoorfunctie heet Optas 1. Het pensioen dat u opbouwde tijdens uw operationele functie heet PVH. In stap 1 gaat het alleen om dit laatstgenoemde PVH-pensioen.

Het totaal dat u als operationeel medewerker aan pensioenrechten hebt opgebouwd, krijgt een aanvulling van 13,56 %.

Pas later, in stap 2, verbeterde het Optas 1-pensioen uit de tijd dat u een kantoorfunctie had. Dat is gebeurd in 2012.

Voorbeeld

Koos begon op zijn 16de en werkt vanaf 1959 tot 1 januari 1997 als kraanmachinist. Daarna kreeg hij een baan op kantoor tot aan zijn pensioen in 1999.

Pensioenrechten

1959 tot en met 1996 operationele functie = PVH-pensioen.

Koos heeft in deze periode 9.000 euro opgebouwd. In stap 1 krijgt hij daarop een aanvulling van 13,56 % (1.220 euro). Zijn nieuwe PVH-pensioen bedraagt 10.220 euro.

1997 kantoorfunctie = Optas 1-pensioen

Koos heeft in dit jaar 200 euro pensioen opgebouwd. Hij hoorde medio 2012 wat er in stap 2 met dit Optas 1-pensioen gebeurde.

Waarom die waarschuwing voor huur- en zorgtoeslag?

Door de aanvulling steeg het inkomen van gepensioneerden en van andere uitkeringsgerechtigden als weduwen, wezen en ex-partners met een bijzonder nabestaandenpensioen.

Hierdoor veranderde in 2011 het 'toetsingsinkomen', voor onder andere de huurtoeslag en de zorgtoeslag.

Maximum jaarinkomen huurtoeslag (2011):

  • € 20.325 (alleenwonende gepensioneerde)
  • € 27.750 per jaar (samenwonende gepensioneerde).


Maximum jaarinkomen zorgtoeslag (2011):

  • € 36.022 (alleenwonende gepensioneerde)
  • € 54.264 (samenwonende gepensioneerde).


Kijk voor meer informatie op www.toeslagen.nl. Of bel de Belasting Telefoon op 0800 – 0543.

Wat is conversie?

Bij (echt)scheiding deel je de pensioenrechten die je in de loop van het huwelijk/partnerschap hebt opgebouwd.
Sommige mensen kiezen dan voor ‘conversie’ of omzetting van die pensioenrechten. Het deel dat je ex-partner toekomt, wordt dan in zijn geheel overgezet op haar naam. U krijgt uw pensioendeel uitgekeerd als u 65 jaar wordt. Zij krijgt haar deel als zij 65 wordt. Zonder conversie gebeurt dan niet. Dan krijgt de ex-partner pas haar pensioendeel niet eerder dan wanneer u 65 bent.

En zonder conversie krijgt uw ex-partner een ‘bijzonder nabestaandenpensioen’ als u voor u 65ste overlijdt. Bij conversie vervalt dat recht op een ‘bijzonder nabestaandenpensioen’.

Waarom AEGON?

Stichting Vermogensbeheer koos AEGON als uitvoerder van de pensioenaanvulling van operationele medewerkers. Deze verzekeringsmaatschappij kon zorgen voor een aanvulling van 13,56%. Dat was meer dan andere partijen konden bieden.

Dit komt onder meer omdat AEGON ‘goedkoper’ kan werken. Juist omdat het bekend is met de havenpensioenen en omdat het via Optas al beschikt over het bestand met alle gegevens van het vroegere PVH. Dit voordeel hebben andere verzekeringsbedrijven niet. Zij zouden hogere kosten hebben moeten maken. En dat zou zich hebben vertaald in een lager aanvullingspercentage.

Stap 2

Over welk bedrag wordt de aanvulling berekend?

De stand van het door u opgebouwde pensioen in Optas-1 per 31-12-1997 geldt als uitgangspunt. Dat bedrag – tot een plafond van 15.000 euro bruto per jaar – krijgt een aanvulling van 7,25%.

Waarom geldt er een plafond van 15.000 euro?

De Stichting heeft gekozen voor een aanvullingssysteem dat is gebaseerd op gelijkheid en solidariteit. Een zeer kleine groep oud-kantoormedewerkers beschikt over een zeer grote pensioenopbouw. Het laten meetellen van die uitzonderlijk grote bedragen vergt miljoenen van het totale budget. Daardoor zou het aanvullingspercentage voor de gehele groep oud-kantoormedewerkers uiteraard veel lager zijn uitgevallen.

Daarom geldt een plafond dat aansluit bij de gemiddelde pensioenopbouw van de hele groep. Zodat er evenwicht is in de verdeling binnen de groep.

Mijn pensioenverzekering liep/loopt niet meer bij Optas. Krijg ik nu wel of niet een aanvulling?

De aanvulling geldt voor het Optas Pensioen 1 zoals dat op 31-12-1997 was opgebouwd bij Optas Pensioenen NV én dat nu nog steeds bij Optas/Aegon verzekerd is. U komt dus niet voor aanvulling in aanmerking als u uw Optaspensioen hebt ondergebracht in een andere pensioenregeling, of bij een andere verzekeringsmaatschappij of bij een ander pensioenfonds.

Op deze regel geldt slechts één uitzondering: U krijgt de aanvulling namelijk wel als uw bedrijf op of na 1 januari 1998 als geheel is overgestapt naar een andere regeling of verzekeringsmaatschappij (collectieve waardeoverdracht).

In dat geval krijgt u de aanvulling straks uitbetaald via die 'nieuwe' verzekeringsmaatschappij.

Waarom die verschillende bedragen voor operationeel en kantoorpersoneel (Stap 1 en 2)

In feite is er in totaal niet 225 miljoen maar 300 miljoen naar operationele (oud)medewerkers uit de PVH-tijd gegaan. Want in de derde stap verbeterde de pensioenregeling B van actieve operationele medewerkers. Dat waren allemaal mensen die ook al in de havens werkten in de periode van het Pensioenfonds PVH.

Inderdaad, het lijkt veel, 300 miljoen in vergelijking met de 30 miljoen die werd uitgetrokken voor (oud)medewerkers met een kantoorfunctie.
Toch kregen beide groepen naar verhouding evenveel.

Het verschil zit namelijk in de opgebouwde pensioenreserves. De gezamenlijke pensioenreserve van de operationelen was tien keer zo groot als de gezamenlijke reserve van het kantoorpersoneel. Om die reden was ook het totale verbeteringsbedrag tien keer zo groot.

Waarom is er onderscheid tussen individuele en collectieve waardeoverdracht?

De aanvulling geldt uitdrukkelijk alleen voor kantoormedewerkers die tot aan 1998 pensioen hebben opgebouwd bij Optas Pensioenen NV en voor wie Optas/Aegon nog altijd dat pensioen beheert. Wie individueel bij Optas Pensioenen is weggegaan, deed dat uit eigen keuze.

Maar als een werkgever overstapt naar een andere verzekeringsmaatschappij worden alle pensioenen van alle werknemers verplicht overgedragen. Dan is er sprake van collectieve waardeoverdracht en valt er voor de individuele werknemer niets te kiezen. Daarom geldt de regel: wel een aanvulling bij collectieve waardeoverdracht, géén aanvulling bij individuele waardeoverdracht.

Dezelfde regel is toegepast in Stap 1. Operationele collega's die vrijwillig naar een ander pensioenfonds of een andere verzekeringsmaatschappij zijn gegaan, hebben géén aanvulling gekregen.

Waarom liet Stap 2 zo lang op zich wachten?

(Oud)kantoormedewerkers hebben opeenvolgende pensioencontracten, die sterk van elkaar verschillen: gedeeltelijk volgens de eindloonregeling, gedeeltelijk volgens de middelloonregeling en gedeeltelijk via een kapitaalverzekering.

Deze contractgegevens zijn voor de hele groep (circa tienduizend personen) in kaart gebracht. Daardoor kreeg Aegon zicht op wat iedereen op de peildatum (31-12-1997) op zijn of haar naam had staan. Pas toen kon het definitieve aanvullingspercentage worden vastgesteld: 7,25%.

Daarna had Aegon nog vele maanden de tijd nodig om de aanvullingen te verwerken in de uitkeringen aan gepensioneerden en in de pensioenopbouw van alle werkende collega's.

Stap 4a

Hoe meld ik me aan voor de FIT en de Dienstjarenpremie?

Om u aan te melden overlegt u met uw werkgever/personeelszaken over de gewenste duur van uw FIT-periode. Daarna ondertekent u de speciale FIT-Overeenkomst en het Aanvraagformulier voor de Dienstjarenpremie. Uw werkgever stuurt deze documenten naar SVBPVH, uiterlijk 3 maanden voor de aanvang van uw FIT.
Op of omstreeks de daadwerkelijke aanvangsdatum van uw FIT-periode ontvangt u de op u van toepassing zijnde Dienstjarenpremie.

U kunt zich uiteraard alleen aanmelden als u en uw werkgever aan alle voorwaarden voldoen.

Ik zit al in een andere FIT-regeling, kan ik deze FIT-regeling met Dienstjarenpremie ook gebruiken?

Ja, in principe behoort dat tot de mogelijkheden. Als uw cao ook de FIT-regeling van de Stivu biedt, kunt u beide gebruiken.

Wanneer heb ik recht op de Dienstjarenpremie?

Voor de Dienstjarenpremie moet u aan de genoemde voorwaarden voldoen en minimaal een half jaar gebruik maken van een FIT-regeling die is goedgekeurd door SVBPVH.

Ik ben al in de FIT, hoe zit dat met de Dienstjarenpremie?

U hebt alsnog recht op de eenmalige Dienstjarenpremie als u sinds 1 september 2013 deelnemer bent geworden van een FIT-regeling die vooraf door SVBPVH is goedgekeurd. Neem hierover zo nodig contact op met de afdeling Personeelszaken van uw bedrijf. Of bel onze helpdesk op 010- 4488777.

Wat kan ik doen als mijn werkgever niet meewerkt aan de FIT-regeling van de Stichting?

Het is aan de werkgever om te beslissen of hij ouder wordend personeel in staat wil stellen om van de FIT-regeling gebruik te maken. In bedrijven met een cao zorgen de werkgever en de vakbonden (FNV Havens en CNV Vakmensen) er samen voor dat de FIT-regeling in de cao wordt opgenomen.

In bedrijven waar géén cao geldt, kunt u als individuele werknemer aan uw werkgever vragen of hij de FIT-regeling van SVBPVH wil toepassen. 

Bent u er niet zeker van of uw bedrijf een uitnodiging voor onze informatiebijeenkomsten krijgt? Neem dan even contact op met de helpdesk havenpensioen op 010 - 44 88 777 of via
Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Ik ben arbeidsongeschikt, kan ik dan toch in de FIT?

Als u aan de voorwaarden voldoet, kunt u ook bij gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid gebruikmaken van de FIT. De percentages werk, salaris en pensioenopbouw worden dan berekend over de mate waarin u nog in het bedrijf actief bent.
Bij algehele arbeidsongeschiktheid is geen sprake van een werkweek en is deelname niet mogelijk.

Kan ik voor mijn 60ste in de FIT?

Nee. De FIT is standaard toegankelijk vanaf de zestigste verjaardag. Er kan voor u wel een hogere leeftijdsgrens gelden, maar alleen als die in uw cao is vastgelegd. In alle gevallen geldt dat u definitief met pensioen gaat als uw FIT-periode is verstreken.

Kan ik korter dan 6 maanden in de FIT?

Om in aanmerking te komen voor de Dienstjarenpremie mag de FIT-periode niet korter zijn dan 6 maanden. Ook niet in bedrijven die per cao een aangepaste regeling hebben vastgelegd.
Een langere FIT-periode dan 24 maanden kan wel, als dat per cao is geregeld.

Wanneer wordt een FIT-regeling goedgekeurd door SVBPVH?

Een FIT-regeling wordt sowieso goedgekeurd wanneer die voldoet aan de reglementaire voorwaarden en door cao-partijen (de werkgever en de vakbonden FNV Havens/Bondgenoten en CNV Vakmensen) is vastgelegd in de cao. Per bedrijf bepalen cao-partijen de percentages van de FIT-regeling, met dien verstande dat de pensioenopbouw altijd voor 100% moet worden voortgezet.

Cao-partijen bepalen ook samen hoe lang de medewerker van de FIT-regeling gebruik mag maken. Maar hierbij geldt dat de FIT-periode niet korter mag zijn dan 6 maanden (anders vervalt het recht op de Dienstjarenpremie). Daarnaast is de medewerker verplicht om direct na afloop van zijn FIT-periode definitief met pensioen te gaan.

Bedrijven zonder cao krijgen van SVBPVH alleen toestemming voor de Standaardvariant van de FIT-regeling. Dit wil zeggen dat de FIT bestaat uit een periode van 6 maanden tot maximaal 2 jaar waarin de deelnemer 80% werkt, 90% van zijn salaris krijgt en voor 100% pensioen opbouwt.

Verder moet de FIT-regeling uiteraard ook voldoen aan alle andere reglementaire voorwaarden. Zo mag de medewerker tijdens zijn FIT-periode absoluut geen overwerk verrichten.

Waar vind ik als werkgever meer informatie over de FIT-Regeling met Dienstjarenpremie?

De informatie op deze website is de informatie die tot op heden beschikbaar is. Ten minste een maal per jaar organiseren we een speciale voorlichtingsbijeenkomst voor (vertegenwoordigers van) werkgevers, OR-leden en vakbondskaderleden.

Alle bedrijven die bij SVBPVH bekend zijn, krijgen voor deze bijeenkomst een uitnodiging toegestuurd.

Bent u er niet zeker van of uw bedrijf bij SVBPVH geregistreerd staat? Neem dan even contact op met de helpdesk havenpensioen op 010 - 44 88 777.

Wat doet de Stichting voor mensen uit 1950, 1951 en 1952 die al met vroegpensioen zijn?

De Dienstjarenpremie is gekoppeld aan de Senioren FIT-regeling. Wie daaraan - voor ten minste zes maanden - heeft deelgenomen, krijgt alsnog de Dienstjarenpremie. Dus ook als u op dit moment met prepensioen bent.

De situatie ligt anders voor mensen uit de geboortejaren '50, '51 en '52 die met prepensioen zijn gegaan voor 1 november 2013, dus voor sprake was van een FIT-regeling met Dienstjarenpremie. Deze oud-werknemers kunnen - mits zij aan de voorwaarden voldoen - bij wijze van compensatie een schenking van maximaal 3000 euro krijgen.
De belangrijkste voorwaarden aan deze schenking zijn:

  1. U bent geboren op of na 1 januari 1950.
  2. U hebt niet eerder een compensatie ontvangen van de STIVU;
  3. U bent nu met prepensioen maar voldeed daarvoor aan de definitie van werknemer, zoals die is omschreven in het reglement van de Senioren Fit-Regeling SVBPVH;
  4. Uw voormalige werkgever heeft inmiddels een Senioren Fit-Regeling ingevoerd, en heeft daartoe een overeenkomst met SVBPVH.


Neem voor meer informatie contact op met uw voormalige werkgever/afdeling personeelszaken. Of met Bas van der Meulen van onze helpdesk via 010 - 4488777.

Wat doet de Stichting voor mensen die na 1959 geboren zijn?

Op termijn volgt een tweede fase van Stap 4 (ter waarde van 100 miljoen euro) voor medewerkers uit 1960 en daarna, die op 30 september 2013 een vaste aanstelling hadden (en t.z.t. nog hebben) bij een bedrijf waarvoor Aegon/Optas op 1 april 2010 een pensioenregeling uitvoerde.

Voor deze jongere categorie medewerkers ligt pensionering iets verder in het verschiet. En omdat het geld van SVBPVH uitsluitend mag worden besteed aan pensioen-gerelateerde maatregelen wordt nu eerst voorrang gegeven aan medewerkers voor wie de pensioendatum dichterbij ligt.

Wat doet de Stichting voor mensen die voor 1950 zijn geboren en al met (vroeg)pensioen zijn?

In Stap 1 (voor operationele medewerkers) en Stap 2 (voor kantoormedewerkers) zijn vooral de pensioenregelingen aangevuld van gepensioneerden en hun nabestaanden. Hier was in totaal 255 miljoen van de beschikbare 500 miljoen euro mee gemoeid. Mensen van voor '50 hebben bovendien veelal gebruik kunnen maken van de Stivu en/of een vooruitgeschoven tijdelijk ouderdomspensioen (top). Om al deze redenen zijn de Stappen 3 en 4 bedoeld voor de huidige (actieve) medewerkers van havenbedrijven.

Stap 4b

Wanneer krijgen we Stap 4b voor de geboortejaren 1960 en daarna?

Een regeling voor medewerkers van 1960 of jonger is op dit ogenblik weinig urgent. Zelfs de oudsten van deze groep zijn nog jaren verwijderd van hun 'oude dag'.

Wat we precies voor deze doelgroep kunnen doen is onbekend. We denken aan een Senioren FIT-regeling, vergelijkbaar met die nu geldt voor collega's die zijn geboren in de periode 1950-1959. De uiteindelijke beslissing kan nog even op zich laten wachten. Belangrijk is dat we een regeling ontwerpen die aansluit bij de tijdgeest en omstandigheden die dán heersen.

Vooruitlopend op de invulling van Stap 4b is 100 miljoen euro gereserveerd. Dit bedrag kan nog oplopen, als er tussentijds rendement op wordt geboekt. Maar veel zal dat niet zijn, omdat we een voorzichtig beleggingsbeleid voorstaan. Zodat we in elk geval niet mínder dan 100 miljoen euro aan deze Stap kunnen besteden.

Stap 5

Wat zijn basispunten?

Een basispunt is een honderdste van een procent (0,01%). Verzekeraars gebruiken deze term om veranderingen in de rente uit te drukken. Ze spreken bijvoorbeeld bij een rentestijging van 2% naar 2,25% van 'een stijging van 25 basispunten'.

Krijg ik extra basispunten?

Alléén als er voor u per 30 september 2013 premie werd betaald aan Optas/Aegon en alléén wanneer u een pensioenuitkering inkoopt vanuit een kapitaalverzekering. Dat is een verzekering die zorgt voor een kapitaal waarmee je op de pensioendatum een (pensioen)uitkering inkoopt.  

Dit type verzekering komt tegenwoordig het meest voor in de havens (circa 9000 collega's hebben er een of meer).
Dat is al zo sinds 1998, toen PVH overging in Optas. Bij die gelegenheid is de overstap gemaakt: van gestage opbouw van 'pensioenaanspraken' naar een beschikbarepremieregeling die kapitaal opbouwt. 

Het vroegere aansprakensysteem was erop gericht dat je vanaf de pensioendatum een totaalinkomen had van ongeveer 70% van wat je gemiddeld verdiende in je werkzame leven. (Dit totaalinkomen bestond dan enerzijds uit je opgebouwde pensioenrechten, en anderzijds uit de AOW-uitkering van de overheid.) 

Het kenmerk van de beschikbarepremieregeling is dat werkgever en werknemer jaarlijks een afgesproken premiebedrag betalen aan de pensioenverzekeraar. De hoogte daarvan staat vast (vandaar: beschikbare premie). Maar pas aan het eind van de rit wordt duidelijk hoeveel kapitaal de (tussentijds belegde) premies opleveren. Of beter gezegd: welke pensioenuitkering je voor dat kapitaal kunt krijgen. En dat wordt niet alleen bepaald door de hoogte van de ingelegde premies en de rendementen die ermee zijn geboekt. Een belangrijke factor is de rentestand op het moment dat je met pensioen gaat. Bij een lage rente (zoals nu) levert je kapitaal minder pensioen op. (Dat gelukkig nog altijd wordt aangevuld met een AOW-uitkering van de overheid.)

In déze context is de 55 basispunten-regeling tot stand gekomen. Extra rente is de moeite waard, zeker bij de historisch lage rentestand van nu. Want meer rente betekent een hogere pensioenuitkering.

Wanneer u recht hebt op de 55 extra basispunten ontvangt u daarover bericht van Aegon, uiterlijk eind juni 2015.

at wordt bedoeld met kapitaalverzekering?

De kapitaalverzekering is het meest gangbare type pensioenverzekering in de havens. Het is een beschikbarepremieregeling waarbij werkgever en werknemer een vastgestelde premie inleggen bij de verzekeraar. De opbrengst van deze premies (en de rendementen die de verzekeraar ermee boekt) leiden tot een kapitaal waarmee op de pensioendatum een levenslange uitkering wordt ingekocht.

Op het pensioenkapitaal is het zogenaamde ‘shoprecht’ van toepassing. Je bepaalt zelf welke verzekeraar je uitkiest om de pensioenuitkeringen te verzorgen. De verzekeraar(s) bij wie je kapitaal hebt opgebouwd, sturen een offerte. Je kunt zelf ook bij andere verzekeraars offertes aanvragen.
Collega's met een bevestigingsdocument (te ontvangen eind juni 2015) krijgen t.z.t. van Optas een offerte waarin automatisch rekening wordt gehouden met 55 extra basispunten.

Op welk kapitaal krijg ik extra basispunten?

Op alle kapitaal uit een beschikbarepremieregeling, op te bouwen tot aan het moment van pensioenaankoop (dus inclusief de nog in te leggen premies en de te verwachten rendementen tot aan het expiratiemoment).
Voorwaarde is dat u beschikt over een document ter bevestiging van dit recht op 55 basispunten. Optas/Aegon heeft ons toegezegd deze documenten eind juni te zullen versturen.

Samenvattend:
Kapitaal dat WEL in aanmerking komt voor 55 extra basispunten:

  • Het hele pensioenkapitaal dat uw beschikbarepremieregeling bij Optas/Aegon oplevert.
  • Het hele pensioenkapitaal dat uw beschikbarepremieregeling oplevert bij ándere verzekeraars (als er voor u maar wel per 30 september 2013 premie werd betaald aan Optas/Aegon).


Let op!
Het is géén probleem als uw werkgever ooit overstapt naar een andere pensioenverzekeraar.
Het kapitaal dat u elders opbouwt, kunt u t.z.t. ook gewoon bij Aegon inbrengen op het moment dat u een pensioenuitkering inkoopt. Maar maakt u zo'n overstap: laat het bij Optas/Aegon opgebouwde kapitaal daar dan achter!

Kapitaal dat bijvoorbeeld NIET in aanmerking komt voor 55 extra basispunten:

  • Alle pensioenaanspraken die u voor 1998 bij PVH hebt opgebouwd. Deze rechten komen natuurlijk wél tot uitkering als u met pensioen gaat. Maar ze staan los van de pensioenverzekering bij Optas/Aegon. Want alleen die verzekering leidt tot een kapitaal waarmee u (een gedeelte) van uw pensioenuitkering moet inkopen.
  • Alle pensioenaanspraken die u opbouwt of hebt opgebouwd in een beschikbarepremieregeling waarbij de ingebrachte premie jaarlijks wordt omgezet in definitieve rechten.

Hoe werkt het aankopen van pensioen uit kapitaal?

Een half jaar voordat je met pensioen gaat, krijg je van de verzekeraar bericht. Drie maanden voor de ingangsdatum van je pensioen ontvang je een offerte. In deze offerte vind je een bedrag (het totaal opgebouwde pensioenkapitaal) en verschillende opties waaruit je moet kiezen:

  1. Een pensioen voor jezelf plus een pensioen voor je partner als jij komt te overlijden; of
  2. Een pensioen voor jezelf en géén pensioen voor je partner als jij komt te overlijden (dit noemen ze 'uitruil': want als je afziet van een partnerpensioen krijg je 'in ruil' daarvoor zelf een hogere uitkering); of
  3. Een hoog-laag-pensioen voor jezelf plus een pensioen voor je partner als jij komt te overlijden (hogere uitkering in de eerste vijf jaar, daarna wordt de uitkering lager); of
  4. Een hoog-laag-pensioen voor jezelf en géén pensioen voor je partner als jij komt te overlijden (hogere uitkering in de eerste vijf jaar, daarna wordt de uitkering lager).


De optie de je kiest, bepaalt (mede) de hoogte van je pensioen. Als je géén partnerpensioen inkoopt, blijft er meer geld over voor het pensioen voor jezelf. Maar het spreekt natuurlijk voor zich dat een partnerpensioen zinvol is als je vrouw/man zelf geen, of weinig, pensioen heeft opgebouwd.

Voorbeeldbedragen van de hoogte van de verschillende pensioenen bij een kapitaal van 200 duizend euro en een rente van 1,85%:

  • Levenslang ouderdomspensioen (voor jouzelf, vanaf je 65ste verjaardag): 8.800 euro per jaar.
  • Levenslang partnerpensioen (vanaf jouw overlijden tot aan het overlijden van je partner): 6.160 euro per jaar (=70% van het ouderdomspensioen).
  • Levenslang ouderdomspensioen (voor alleen jouzelf, vanaf je 65ste verjaardag): 10.140 euro per jaar. 


Naast de rente zijn er andere factoren van invloed op de hoogte van je pensioen, zoals:

  • Rendement: hoeveel winst is er in de afgelopen jaren op je pensioenkapitaal geboekt?
  • Levensverwachting: de verzekeraar hanteert een 'levenstafel' gebaseerd op de gemiddelde levensverwachtingen van mannen en vrouwen in Nederland. Zo probeert hij in te schatten hoe lang jij (en je partner) nog zullen leven, en dus hoe lang hij pensioen zal moeten betalen.


De offerte die je krijgt heeft (in verband met de schommelende rentekoers) altijd een beperkte geldigheid. Je moet meestal binnen een maand de getekende formulieren terug sturen naar de verzekeraar.

Hoe werkt dat met de rente bij het aankopen van een pensioen?

Bij het bepalen van de pensioenuitkering houden verzekeraars rekening met de marktrente ('rekenrente') op het moment van pensioeninkoop.
De verzekeraar die je uitkiest voor het doen van de uitkeringen, krijgt immers jouw pensioenkapitaal in handen. Dat is (meestal) een flink bedrag dat maar heel geleidelijk slinkt: elke maand een beetje, verspreid over een periode van tientallen jaren (tot aan de datum van overlijden). Daarom houdt de verzekeraar rekening met een rentevergoeding.

Ter vergelijking: die rekenrente schommelt op dit moment (voorjaar 2015) zo rond de 1,3%. Wie nu met pensioen gaat, krijgt daar van Aegon 0,55% bovenop. Een pensioenofferte van Aegon zou in dit voorbeeld dus uitgaan van 1,85% rente in plaats van 1,3%.

Hoe weet ik zeker dat Aegon mij extra basispunten geeft?

De regeling kent een aantal controlemomenten:
Er is door Aegon een lijst opgesteld met de namen van alle personen die recht hebben op 55 extra basispunten. De namenlijst wordt getoetst door alle werkgevers en onze Stichting.
Staat u op de lijst, dan krijgt u eind juni 2015 een bevestigingsdocument waarin het recht op 55 extra basispunten is vastgelegd. Bewaar dit bij uw pensioenoverzichten (UPO's)!
Aegon krijgt jaarlijks controle van een externe accountant die erop toezien dat Aegon daadwerkelijk 55 extra basispunten toekent bovenop de geldende marktrente van dat moment.
Voorafgaand aan uw pensioendatum krijgt u van Optas een offerte waarin de 55 extra basispunten zijn opgenomen. Ook de bijgevoegde uitkeringsbrief vermeldt de toepassing van extra basispunten.  

Waarom pas zekerheid "eind juni 2015"?

Aegon heeft ons toegezegd dat iedereen die aan de voorwaarden voldoet uiterlijk eind juni bericht krijgt. Dat is de tijd die Aegon nodig heeft om - in samenwerking met de bedrijven en onze Stichting - een gecontroleerde lijst van rechthebbenden samen te stellen.

Ik ben net met pensioen, krijg ik extra basispunten?

Ja, als u aan de voorwaarden voldoet, hebt u met terugwerkende kracht recht op extra basispunten wanneer u met pensioen gegaan bent op of na 1 oktober 2013.
U ontving hierover inmiddels bericht van Aegon. In september volgt de nabetaling. Vanaf dat moment krijgt u (levenslang) uw verhoogde uitkering.

Waarom geen basispunten bij jaarlijkse pensioeninkoop?

Bij jaarlijkse pensioeninkoop wordt geen kapitaal opgebouwd. In plaats daarvan wordt de ingelegde premie elk jaar omgezet in vaste pensioenaanspraken.

Waarom staat er bij voorbeeldbedragen "vanaf 65 jaar"?

Nu nog is het de standaard dat je de eerste pensioenuitkering krijgt uitbetaald aan het begin van de maand waarin je 65 jaar wordt. Dit verschuift naar 67 jaar.

Die 65-jarige leeftijd (straks 67-jarige leeftijd) hanteert de verzekeraar als uitgangspunt voor het berekenen van je pensioenuitkering.
Het staat je vrij om je pensioen eerder te doen ingaan. Dat levert wel een lagere uitkering op. Je pensioenkapitaal moet immers over een langere periode worden uitgestreken.
Je kunt je pensioen ook later laten ingaan. Dan wordt de uitkering iets hoger.

Wat is "expiratiemoment"?

Dat is wanneer je pensioenkapitaal definitief 'expireert' of 'vervalt', en dat is het moment waarop je een levenslange pensioenuitkering aankoopt.

Stap 6

01. Disclaimer

Aan de antwoorden op onderstaande vragen kunnen geen rechten worden ontleend. De officiële, juridisch-bindende regels staan in het Reglement van het Netto Havenpensioen.
 

02 Wat is netto pensioensparen?

Het Netto Havenpensioen is een online beleggingsrekening. Als je wilt, zorg je daarmee voor een extra pensioenbudget. Dit budget kun je opnemen als je 65 jaar geworden bent.

Het Netto Havenpensioen staat helemaal los van je ‘gewone’ havenpensioen.

Een NHP-rekening staat op je eigen naam.
Het geld dat jij (en/of je werkgever) op je NHP-rekening stort, wordt voor jou belegd. In bijvoorbeeld aandelen en obligaties.

Beleggen voor (netto)pensioen kan aantrekkelijk zijn. Vooral als je méér geld beschikbaar hebt dan jij en je werkgever kwijt kunnen in je ‘gewone’ pensioen. 

Belastingtechnisch gezien is het Netto Havenpensioen geen 'echt' pensioen:

  • Je inleg is niet aftrekbaar van de belasting (je ‘gewone’ pensioenpremies wel).
  • Je belegde vermogen is spaargeld, en valt dus onder Box 3 (je ‘gewone’ pensioenvermogen niet).
  • Als je vermogen op je 65ste vrijkomt, hoef je er geen belasting over af te dragen (over je 'gewone' pensioenuitkering wel).

Wat het Netto Havenpensioen aantrekkelijk maakt, is dat je (onder voorwaarden) een NHP-bonus krijgt.

 

03. Wat is een NHP-Bonus?

De NHP-bonus is een (tijdelijke) bijdrage van onze Stichting aan jouw individuele Netto Havenpensioen: 50% over de jaarlijkse inleg tot 500 euro.
 

Voorbeelden:

  • 200 euro inleg per jaar, levert een NHP-bonus op van 100 euro.
  • 500 euro inleg per jaar, levert de maximale NHP-bonus op van 250 euro.
  • 800 euro inleg per jaar, levert niet meer op dan de maximale NHP-bonus van 250 euro.

De NHP-bonus wordt jaarlijks, in het tweede kwartaal, bijgeschreven op je NHP-rekening, en berekend over de totale inleg (van jou en/of je werkgever) in het voorgaande kalenderjaar.

De allereerste NHP-bonus komt in het tweede kwartaal van 2018.  De bonus is 50% van je inleg in 2017 en niet groter dan 250 euro.

04. Hoe lang krijg ik de jaarlijkse NHP-bonus?

In principe krijg je je laatste NHP-bonus in het jaar waarin je 64 wordt.

Maar het is mogelijk dat we al vóór je 64ste moeten stoppen met het uitkeren van bonussen.

Onze Stichting betaalt ze namelijk uit het geld dat Aegon bijdraagt aan het ‘nettopensioenproduct’: 20 miljoen euro.

Ons bonusbudget is dus begrensd.

Hoe lang het meegaat, is afhankelijk van het aantal bonusgerechtigde deelnemers aan het Netto Havenpensioen, en van de bedragen die zij inleggen.

Om een indicatie te geven:

Als 75% van de bonusgerechtigde medewerkers jaarlijks 500 euro inlegt, is het budget na circa 14 jaar (2031) uitgeput.

 

05. Wat zijn de voorwaarden voor het krijgen van de NHP-bonus?

De voorwaarden voor jou als medewerker:

  • Je was werkzaam in de havens per 1-2-2013.
  • Je bent geboren in 1960 of daarna.
  • Je werkgever heeft je bij onze Stichting aangemeld vóór 15 maart 2016.

 

De voorwaarden waaraan jouw werkgever moet voldoen:

  • Hij/zij was premiebetalend voor een pensioenregeling bij Optas/Aegon per 1-4-2010.
  • Hij/zij hanteert voor de pensioenregeling een minimale franchise en de 3%-premiestaffel (Staffelbesluit 17 december 2014) voor minimaal 85% (en voor minimaal 90% in 2020).
    Aan andersoortige pensioenregelingen stelt onze Stichting vergelijkbare kwaliteitseisen.
  • Hij/zij heeft zich bij onze Stichting aangemeld vóór 15 maart 2016.

Alleen als jij en je werkgever beiden voldoen aan bovenstaande voorwaarden heb je recht op de NHP-bonus.  

06. Waarom gelden er zulke strenge voorwaarden?

Dat is omdat we willen voorkomen dat er geld ‘weglekt’ naar personen en/of bedrijven die geen band hebben met de herkomst van ons kapitaal (pensioenfonds PVH/Stichting Optas en de Aegon-campagne om het beklemde vermogen).

We stellen ook kwaliteitseisen aan de pensioenregeling.
Het is namelijk niet de bedoeling dat onze Stichting met bonussen het Netto Havenpensioen stimuleert terwijl er tegelijkertijd onvoldoende gebruik wordt gemaakt van de mogelijkheden voor fiscaalvriendelijke pensioenopbouw vanuit het brutosalaris.

Waarom krijgen mensen van de geboortejaren 1950-1959 geen NHP-bonus?

De Stichting is van oordeel dat voor deze groep medewerkers in de voorgaande Stappen een evenwichtig pakket aan maatregelen is samengesteld. Zo is er voor deze collega’s een Dienstjarenpremie als zij meedoen aan de FIT van 4A.

Let op!

De Stichting stelt wel extra budget ter beschikking voor collega’s van 1953-1959.

Per 1 januari 2017 gaat de op hen van toepassing zijnde Dienstjarenpremie omhoog met 7% (of met maximaal 700 euro).

Deze verhoging geldt ook voor mensen (van 1953 of jonger) die nu met de FIT zijn, en die in 2017 of daarna de 64-jarige leeftijd bereiken

07. Waarom krijgen mensen van de geboortejaren 1950-1959 geen NHP-bonus?

De Stichting is van oordeel dat voor deze groep medewerkers in de voorgaande Stappen een evenwichtig pakket aan maatregelen is samengesteld. Zo is er voor deze collega’s een Dienstjarenpremie als zij meedoen aan de FIT van 4A.

Let op!

De Stichting stelt wel extra budget ter beschikking voor collega’s van 1953-1959.

Per 1 januari 2017 gaat de op hen van toepassing zijnde Dienstjarenpremie omhoog met 7% (of met maximaal 700 euro).

Deze verhoging geldt ook voor mensen (van 1953 of jonger) die nu met de FIT zijn, en die in 2017 of daarna de 64-jarige leeftijd bereiken

08. Waarom was het eerst 'nettosparen' en is het nu een beleggingsrekening?

Sinds 1 januari 2015 zijn de mogelijkheden voor fiscaalvriendelijk pensioenopbouw uit het brutosalaris fiks ingeperkt. Sindsdien hebben veel werkgevers/werknemers meer geld voor de pensioenopbouw beschikbaar dan de Belastingdienst toestaat. Een oplossing daarvoor is: pensioenopbouw vanuit het nettosalaris.

Aanvankelijk dachten we aan een ‘nettopensioenspaarproduct’. Maar in de praktijk blijkt sparen geen aantrekkelijke optie. De rentestand is al jaren zeer laag. Aegon heeft daarom een nettobeleggingsproduct ontworpen. Dit product noemen we het Netto Havenpensioen.

09. Moet ik meedoen aan het Netto Havenpensioen?

Nee. Het staat je vrij af te zien van het Netto Havenpensioen en van de NHP-bonussen van onze Stichting.

Als je ervoor kiest om niet mee te doen, vraagt je werkgever mogelijk om een schriftelijke bevestiging van je keuze.

10. Wat zijn de voorwaarden voor het openen van een NHP-beleggingsrekening?

In principe kan elke medewerker van elk havenbedrijf een rekening openen en meedoen aan het Netto Havenpensioen.

Het enige dat je daarvoor nodig hebt, is een link naar de internetpagina waarop je je NHP-rekening aanmaakt. Deze link krijg je van je werkgever/afdeling personeelszaken.

Let op!

Iedere havenmedewerker kan een NHP-rekening openen. Niet iedere havenmedewerker heeft recht op de NHP-bonus. Zie bij ‘Wat zijn de voorwaarden voor het krijgen van de NHP-bonus?’

11. Hoe open ik mijn beleggingsrekening?

Je krijgt via je werkgever een e-mail met een internetlink en een handleiding voor het invullen van de ‘Aanvraagstraat’ van Aegon Bank.

Als je de ‘Aanvraagstraat’ volledig hebt ingevuld, verstuur je de gegevens naar Aegon Bank.

Daarna ontvang je een e-mail met jouw persoonlijke Transactierekening bij Aegon Bank.
Dit is de IBAN-rekeningnummer van je Netto Havenpensioen.

Je moet deze Transactierekening activeren en dan registreren

  • Activeren doe je door een (klein) geldbedrag over te maken vanaf je privérekeningnummer naar je Transactierekeningnummer van Aegon Bank.
     
  • Registreren doe je door het retour zenden van de e-mail aan je werkgever. Dus in de e-mail die je van je werkgever kreeg, typ je de gevraagde persoonlijke gegevens in plus je nieuwe IBAN-Transactienummer (uit de bevestigingsmail van Aegon Bank).

12. Waarom moet ik geld overmaken om mijn NHP-rekening te activeren?

Dat is omdat je je één keer persoonlijk bij Aegon moet identificeren. En dat kan alleen via het overmaken van een (klein) bedrag van de door jou opgegeven Tegenrekening (je eigen bestaande bankrekening) naar je Transactierekening bij Aegon-Bank.

Je persoonlijke Transactierekeningnummer is het IBAN-nummer van je Netto Havenpensioen. Je vindt dit IBAN-nummer in de bevestigingsmail die je van Aegon Bank krijgt nadat je de ‘Aanvraagstraat’ voor het Netto Havenpensioen hebt ingevuld.

 

13. Waarom moet ik mijn NHP-rekening per e-mail registreren?

Met het retour zenden van je gegevens registreer je het IBAN-nummer van je NHP-beleggingsrekening

  • bij je werkgever, zodat deze (desgewenst) ook geld naar je rekening kan overmaken
  • bij onze Stichting, zodat wij (als je daar recht op hebt) de NHP-bonus naar je rekening kunnen overmaken.

 

14. Wat is een Transactierekening?

Dat is een IBAN-rekeningnummer dat gekoppeld is aan je Netto Havenpensioen bij Aegon Bank.

Naar deze Transactierekening maak jij (of je werkgever) geld over naar je Netto Havenpensioen.

Je vindt je persoonlijke Transactierekeningnummer in de bevestigingsmail die je van Aegon Bank krijgt nadat je de ‘Aanvraagstraat’ voor het Netto Havenpensioen hebt ingevuld.


Let op!

Onthoud dat alles wat jij (of je werkgever) overmaakt naar je Transactierekening niet meer opneembaar is totdat je 65 jaar bent!

15. Wat is een Tegenrekening?

Dat is je eigen privérekeningnummer (maakt niet uit bij welke bank in Nederland).

Dit privérekeningnummer geef je op als Tegenrekening van je Netto Havenpensioen. Alléén naar deze privérekening kan t.z.t. de opbrengst van jouw Netto Havenpensioen worden overgemaakt.

Het is dus belangrijk is dat je Tegenrekening altijd op dezelfde naam blijft staan als je Transactierekeningnummer van het Netto Havenpensioen.

Let op!

Verander je van bank of rekeningnummer? Vergeet dan niet om je nieuwe privérekeningnummer op te geven als Tegenrekening in ‘Mijn Aegon’.

16. Wat is een opnameblokkade?

Dat betekent dat je geld geblokkeerd is. Je kunt geen geld opnemen van je Transactierekening.

Dus alles wat je inlegt op je Netto Havenpensioen wordt direct belegd en blijft belegd tot aan je 65ste verjaardag.

Pas vanaf je 65ste kun je je geld opnemen (of doorgaan met beleggen, als dat je beter uitkomt.)

Lees verder bij ‘Wat gebeurt er met mijn Netto Havenpensioen als ik 65 jaar word?’

17. Hoe wordt de NHP-bonus van SVBPVH bijgeschreven?

De NHP-bonus wordt door onze Stichting bijgeschreven op je Transactierekening, en van daaruit automatisch belegd in je Netto Havenpensioen.

De NHP-bonus over het ene jaar ontvang je in het tweede kwartaal van het daaropvolgende jaar.

18. Wat gebeurt er als ik 64 jaar word?

In het jaar dat je 64 wordt, krijg je (als je daar recht op hebt) voor de laatste keer een NHP-bonus.

Deze bonus wordt eenmalig berekend over een jaarinleg van maximaal 1000 euro (in plaats van max 500 euro).
De laatste NHP-bonus bedraagt dus ten hoogste 500 euro.

19. Wat gebeurt er als ik 65 jaar word?

Op je 65ste verjaardag komt de opnameblokkade te vervallen.

Je hebt nu verschillende opties:

  • Je stopt met beleggen maar je houdt het totaalsaldo van je Netto Havenpensioen bij Aegon Bank.
    In ‘Mijn Aegon’ geef je opdracht je beleggingen te verkopen. De opbrengst wordt automatisch overgemaakt naar je Transactierekening. Daar laat je het saldo staan. Je krijgt een variabele rentevergoeding (eind 2016 minder dan 1%).  
    Wanneer het jou uitkomt, maak je het saldo over naar je Tegenrekening bij je eigen bank.

     
  • Je stopt met beleggen en je laat het totaalsaldo van je Netto Havenpensioen  overmaken naar je Tegenrekening bij je eigen bank.
    In ‘Mijn Aegon’ geef je opdracht je beleggingen te verkopen. De opbrengst wordt automatisch overgemaakt naar je Transactierekening. Je maakt het saldo direct over naar je Tegenrekening bij je eigen bank.
     
  • Je blijft verder beleggen in het Netto Havenpensioen.
    Pas wanneer het jou uitkomt, geef je in ‘Mijn Aegon’ opdracht je beleggingen te verkopen.

Let op:

Je krijgt na je 64ste géén NHP-bonussen meer.

20. Hoe leg ik (of mijn werkgever) geld in op mijn Netto Havenpensioen?

Dat doe je door geld over te maken naar de Transactierekening van jouw Netto Havenpensioen. Je werkgever kan eveneens geld overmaken naar jouw Transactierekening.

Je kunt geen geld overmaken via een automatische incasso.

Let op:

Je vindt je Transactierekeningnummer in de bevestigingsmail. Deze mail krijg je van Aegon Bank nadat je de ‘Aanvraagstraat’ voor het Netto Havenpensioen hebt ingevuld.

21. Wanneer moet ik (of mijn werkgever) geld inleggen op mijn Netto Havenpensioen?

Je kunt geld overmaken wanneer je maar wilt.

De grootte van je stortingen maakt ook niet uit. Kleine beetjes verspreid over het jaar, of een groot bedrag in één keer. Alles mag.

De NHP-bonus is 50% op je stortingen en maximaal 250 euro per jaar.

De eerste NHP-bonus wordt bijgeschreven in het tweede kwartaal van 2018; over ten hoogste 500 euro van je inleg in 2017.

22. Hoeveel mag ik (en/of mijn werkgever) inleggen?

Zoveel je wilt (als je maar bedenkt dat je er tot aan je 65ste niet meer aan kunt komen).

De NHP-bonus van onze Stichting wordt berekend over maximaal 500 euro van je jaarlijkse inleg.

23. Kan ik (of mijn werkgever) in 2017 nog geld inleggen over 2015 en 2016?

Ja, dat kan. Je ontvangt over 2015 en 2016 echter geen NHP-bonus.

Over je gehele storting in 2017 is je NHP-bonus dus ten hoogste 250 euro (= 50% op een inleg van 500 euro).

24. Mag mijn werkgever het zogeheten ‘fiscaal bovenmatige pensioenbudget’ inleggen?

Jazeker. Het Netto Havenpensioen is daar juist voor bedoeld.

Sinds 2015 geldt een beperking aan wat fiscaalvriendelijk opzij gezet mag worden voor het pensioen. Hierdoor hebben sommige bedrijven en hun medewerkers nu te maken met een ‘bovenmatig pensioenbudget’. Dat wil zeggen: er is meer geld beschikbaar dan ze kwijt kunnen in de pensioenregeling.

Juist voor deze situatie is het Netto Havenpensioen bedoeld. Zodat bedrijven/medewerkers hun gehele pensioenbudget toch aan pensioen kunnen blijven uitgeven.

 

Let op!

Sommige bedrijven/medewerkers hebben een bovenmatig pensioenbudget terwijl onze Stichting tegelijkertijd een bijdrage aan hun pensioenregeling betaalt. (Stap 3 voorziet in een bijdrage van 2000 euro per jaar voor elke B-deelnemer van wie de pensioenregeling is verbeterd.)

Deze bijdrage van onze Stichting aan de pensioenvoorziening in het bedrijf, blijft alleen gehandhaafd wanneer de werkgever aantoont dat een fors deel van het bovenmatige pensioenbudget inderdaad aan pensioen wordt besteed:

  • Daarom moet ten minste 70% van de medewerkers van 1960 en jonger (en in dienst per 1 februari 2013) deelnemen aan het Netto Havenpensioen.

Bij deelname onder de 70% kan de werkgever 25% van de Stap 3-bijdrage voor medewerkers van 1960 en jonger verliezen. Het bedrijf ontvangt dan niet meer 2000 euro p.p./p.j. maar 1500 euro p.p./p.j.

De nieuwe regels voor de bijdrage uit Stap 3 zijn opgenomen in het Reglement van Stap 3 en gaan in op 1 januari 2017.

Over de bestemming van het bovenmatige pensioenbudget van medewerkers van de geboortejaren 1950-1959  kunnen werkgevers en werknemers onderling afspraken maken. Deze categorie medewerkers komt immers niet in aanmerking voor een NHP-bonus (ze mogen wel meedoen aan het Netto Havenpensioen).

25. Kun je geld blijven inleggen als je doorwerkt tot bijvoorbeeld je 67ste?

Ja. Jij en je werkgever kunnen geld blijven storten in het Netto Havenpensioen. Dit geld wordt – als je dat wilt – ook weer voor je belegd. Maar na je 65ste krijg je geen NHP-bonussen meer.

De opnameblokkade vervalt vanaf je 65ste. Lees verder bij ‘Wat gebeurt er als ik 65 word?’

26. Kun je geld blijven inleggen als je met pensioen bent?

Je kunt altijd vanuit privégeld stortingen doen en blijven doorbeleggen zolang je wilt.

Lees verder bij ‘Wat gebeurt er als ik 65 word?’

27. Kun je blijven inleggen als je niet meer in de havens werkt?

Je kunt altijd vanuit privégeld stortingen doen.

Bedenk wel dat alles in je Netto Havenpensioen geblokkeerd is tot je 65ste verjaardag.

28. Wanneer kan ik mijn Netto Havenpensioen opnemen?

Als je 65 wordt. Want dan vervalt de opnameblokkade vanzelf. Je kunt je geld nu (gedeeltelijk) opnemen of (gedeeltelijk) doorgaan met beleggen.

Lees verder bij ‘Wat gebeurt er als ik 65 word?’

29. Kan ik mijn Netto Havenpensioen opnemen als ik voor m’n 65ste met pensioen ga?

Ja. Als je vervroegd pensioneert, kun je (een deel van) je NHP daarvoor gebruiken. Neem dan contact op met onze Stichting (Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. of telefoon 010 – 44 88 777). Wij zullen Aegon opdracht geven jouw opnameblokkade op te heffen in verband met vroegpensioen.

30. Moet ik belasting betalen als mijn totaalsaldo vrijkomt?

Nee. Je Netto Havenpensioen is opgebouwd uit je nettosalaris. Er is dus al belasting over afgedragen.


Let op!

Je Netto Havenpensioen geldt wel als vermogen voor Box 3.

Als het totaal van je vermogen (alle bezittingen minus alle schulden) groter is dan het zogeheten ’heffingsvrije vermogen’ (25.000 euro per 2017) dan ben je verplicht om vermogensrendementsheffing te betalen. Kijk hiervoor op belastingdienst.nl.

31. Wat gebeurt er als ik overlijd voor mijn 65ste?

Bij overlijden vervalt de blokkade op je Netto Havenpensioen.

Je nabestaanden kunnen contact opnemen met onze Stichting (Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. of telefoon 010 – 44 88 777). Wij zullen Aegon opdracht geven de opnameblokkade op te heffen in verband met overlijden.

Een eventuele nabestaande partner kan je totaalsaldo opnemen óf ervoor kiezen om door te gaan met het Netto Havenpensioen, maar dan met eigen geld. Hiervoor moet zij/hij wel eerst een eigen Tegenrekening opgeven.

Onze Stichting betaalt na overlijden van de havenmedewerker geen NHP-bonus meer.

 

32. Moeten mijn nabestaanden erfbelasting betalen?

Ja. Erfbelasting kan soms worden vermeden bij verzekeringsproducten. Maar het Netto Havenpensioen is een beleggingsproduct waarbij de premies (geheel of gedeeltelijk) afkomstig zijn uit het nettosalaris van de havenwerknemer. Hierdoor is erfbelasting niet te voorkomen.

33. Wat is beleggen en wat zijn de risico’s?

Bij beleggen investeer je geld in producten (aandelen, vastgoed, obligaties etc.) waarvan je hoopt en verwacht dat je ze later met winst kunt verkopen. Dit kopen en verkopen van producten doe je niet zelf. Dat wordt gedaan door beleggingsexperts van Aegon Bank.

 

Beleggen is overigens niet zonder risico’s. Er zijn scenario’s denkbaar waarbij je zelfs minder geld overhoudt dan dat je erin stopt. 

34. Waarin belegt het Netto Havenpensioen?

Met het Netto Havenpensioen beleg je in twee verschillende beleggingsfondsen:

  • AEGON Diversified Equity Fund
  • AEGON Diversified Bond Fund

Het Equity Fund belegt in ‘zakelijke waarden’ als aandelen, vastgoed en grondstoffen.
Kijk voor meer informatie op: https://www.aegon.nl/particulier/beleggen/fondsen/aegon-diversified-equity-fund-ii

Het Bond Fund belegt in ‘vastrentende waarden’ als staatobligaties en bedrijfsobligaties.
Kijk voor meer informatie op: https://www.aegon.nl/particulier/beleggen/fondsen/aegon-diversified-bond-fund

Aegon Bank kan (de samenstelling van) deze fondsen tussentijds wijzigingen.

Aandelen, vastgoed en grondstoffen (Equity) zijn risicovoller beleggingen dan obligaties (Bonds).
Meer risico betekent in de praktijk vaak: meer kans op winst. Maar voor die ‘kans op winst’ moet je doorgaans veel tijd uittrekken. Bovendien moet je er rekening mee houden dat de koersen ‘onderweg’ flink op en neer kunnen gaan. 

35. Wat is een ‘risicoprofiel’?

Een risicoprofiel (of beleggingsprofiel) probeert te voorspellen wat het rendement op je beleggingen gaat worden.

Bij een laag risicoprofiel (‘defensief’) loop je weinig risico het geld dat je belegt kwijt te raken. Er is, tegelijkertijd, ook weinig kans op een grote winst.
Kies je voor een laag risicoprofiel dan beleg je voornamelijk in relatief ‘veilige’ zaken als (staats)obligaties.

Een hoog risicoprofiel (‘zeer offensief’) stelt je bloot aan grote risico’s. Als het niet goed gaat met je beleggingen kun je zomaar alles kwijt raken. Aan de andere kant: als het wél goed gaat, kun je grote winsten boeken.
Bij een hoog risicoprofiel beleg je vooral in ‘avontuurlijkere’ aandelen die in waarde enorm heen en weer kunnen gaan. Zo kun je de ene week 10% winst maken maar de week daarop weer 40% verlies draaien. 

36. Waarom moet ik gelijk al een risicoprofiel kiezen?

Aegon gaat het geld dat je op je NHP-rekening stort meteen voor je beleggen. Dat kan alleen als ze weten hóe jij met je toekomstige pensioenbudget wilt omgaan. Zie je het als een avontuurlijk experiment (en kun je er tegen als je geld verliest)? Of is je NHP-rekening een belangrijk spaarmiddel voor meer pensioen op je 65ste?

Alleen jijzelf kunt bepalen hoeveel risico je kunt en wilt lopen. Daarom moet je dat meteen al bij aanmelding aangeven.

 

Je kunt je keuze later altijd aanpassen via mijnaegon.nl. Aegon brengt voor die aanpassing wel verkoopkosten (voor het verkopen van je ‘portefeuille’) en aankoopkosten in rekening (voor het aankopen van weer nieuwe aandelen).

 

37. Waar let ik op bij het kiezen van een risicoprofiel?

Je let op wat je financieel aankunt, en op wat je mentaal aankunt.

Het is misschien niet verstandig om met je Netto Havenpensioen al te wild te doen (‘zeer offensief’) als je nu al weet dat je het krap gaat krijgen na je 65ste.

Als je het type bent dat wakker ligt van financiële stress kun je het ook beter bescheiden houden. Bij de profielen ‘offensief’ en ‘zeer offensief’ krijg je te maken met schommelingen in de plus en in de min. Daar moet je tegen kunnen.

Waar je ook op moet letten is je ‘beleggingshorizon’.  Dus: hoeveel jaren heb je nog te gaan voordat je 65 wordt.
Hoe langer je horizon, hoe hoger het risico dat je je kunt permitteren. De kans dat tegenvallers worden goedgemaakt, is groter bij een lange horizon dan bij een korte.

Het Netto Havenpensioen heeft een ingebouwd mechanisme dat ook rekening houdt met je belegginshorizon. Naarmate je dichterbij je 65ste verjaardag komt, wordt je risicoprofiel conservatiever. Dat betekent dat je dan al automatisch meer belegd in obligaties dan in aandelen. Dit heet het life cycle-principe

38. Waarom gebruiken pensioenprofessionals meestal een ‘neutraal’ risicoprofiel?

Bij een ‘neutraal’ risicoprofiel beleg je in een voorzichtige mix van risico’s en zekerheden. Zo’n mix geldt als de gulden middenweg en wordt daarom veel gebruikt bij beleggingen voor pensioenen.

39. Wat zijn ‘participaties’?

Participaties zijn de ‘stukjes’ aandelen, vastgoed of obligaties die je als belegger aankoopt. Via een ‘participatie’ ben je dus voor een (klein) deel eigenaar van, bijvoorbeeld, een vastgoedproject of een partij ijzererts.

Aegon koopt voor heel veel beleggers tegelijk participaties (stukjes eigendom) via grote beleggingsfondsen. 

40. Wat is (resterende) looptijd?

Met looptijd bedoelen we de periode tussen het openen van een NHP-rekening en je 65ste verjaardag.
We noemen dit ook je ‘beleggingshorizon’.

Met het verstrijken van de tijd wordt je beleggingshorizon (looptijd) in het Netto Havenpensioen steeds korter.
De term ‘resterende looptijd’ slaat op het aantal jaren dat je nog te gaan hebt tot je 65ste.

Op je 65ste verjaardag vervalt de blokkade op je NHP-rekening.

Zie verder bij ‘Wat gebeurt er met mijn Netto Havenpensioen als ik 65 jaar word?’  

41. Hoe ziet de verhouding tussen mijn beleggingen en mijn resterende looptijd eruit?

Het Netto Havenpensioen hanteert het life cycle-mechanisme. Daardoor beleg je aan het begin van de rit (als je nog een lange looptijd/beleggingshorizon voor de boeg hebt) relatief veel in aandelen/vastgoed/grondstoffen. 

Aan het eind van de rit (als de resterende looptijd kleiner is) beleg je voornamelijk in ‘veiliger’ obligaties.

 

42. Wat is ‘jaarlijkse herverdeling’?

Op je beleggingen maak je winst of verlies. De waarde van je beleggingen gaat hierdoor continu op en neer. Dit betekent dat ook de procentuele verhouding tussen de beleggingssoorten steeds verandert.
 

Stel bijvoorbeeld dat je met 30% van je totaalinleg in aandelen/vastgoed zit, en dat je daarop enorme winst (of enorm verlies) maakt. Dan verschuift ook het evenwicht in je beleggingsmix. Je zit nu niet meer, zoals de bedoeling was, met ‘slechts’ 30% in aandelen/vastgoed maar voor wel 90% (bij extreme winst) of voor nog maar 3% (bij extreem verlies).

Aegon tempert dit soort schommelingen door één maal per jaar (op de datum van de aanmaak van je NHP-beleggingsrekening) de beleggingspercentages te herstellen naar de bedoelde verhoudingen.

Dit herstelproces noemt Aegon ‘herverdeling’ waarvoor participaties moeten worden verkocht en aangekocht, en waarvoor kosten in rekening worden gebracht. 

43. Wat maakt het Netto Havenpensioen anders dan andere netto-producten?

De belangrijkste verschillen zijn:

  • Onze Stichting ontvangt van Aegon 20 miljoen euro van waaruit we (onder voorwaarden) met bonussen bijdragen aan jouw Netto Havenpensioen (50% over maximaal 500 euro inleg per jaar).  Andere nettoproducten bieden geen vergelijkbare bonus.
  • Onze Stichting moet (en wil) erop toezien haar financiën uitsluitend aan pensioen (achtige) zaken worden besteed. Daarom is een opnameblokkade tot de 65-jarige leeftijd ingesteld. Andere nettoproducten kennen geen opnameblokkade.

44. Wat zijn aankoopkosten?

Voor elk bedrag dat je inlegt op je Transactierekening, koopt Aegon participaties in aandelen/vastgoed en obligaties.
Elke keer betaal je 0,25% van het aankoopbedrag aan aankoopkosten.

Je betaalt ook aankoopkosten bij de ‘jaarlijkse herverdeling’.

45. Wat zijn verkoopkosten?

Aegon verkoopt jouw participaties in aandelen/vastgoed en obligaties wanneer dat nodig is om winst te boeken of verlies te vermijden.
Elke keer betaal je 0,25% van het verkochte bedrag aan verkoopkosten.  

Je betaalt ook verkoopkosten bij de ‘jaarlijkse herverdeling’. 

 

46. Wat zijn servicekosten?

Dat is de vergoeding die Aegon in rekening brengt voor zaken als klantenservice, communicatie en administratie. Deze vergoeding bedraagt 0,48% over je gemiddelde beleggingsportefeuille (elk kwartaal wordt bekeken wat de gemiddelde stand was van je beleggingen op het eind van de maand).

Aegon incasseert de servicekosten door vanuit je beleggingen de juiste hoeveelheid participaties te verkopen. 

47. Wat zijn fondskosten?

Dat zijn de kosten die de beheerders van de fondsen in rekening brengen. De fondskosten van het aandelen- en vastgoedfonds (equity) zijn 0,18% per jaar. Die van het obligatiefonds (bonds) zijn 0.20% per jaar.

Aegon incasseert de fondskosten door vanuit je beleggingen de juiste hoeveelheid participaties te verkopen.

48. Wat zijn kosten voor ‘jaarlijkse herverdeling’?

Aegon tempert het effect van tussentijdse schommelingen in de gewenste verhouding tussen je beleggingen in aandelen/vastgoed en obligaties. Dergelijke schommelingen zijn onvermijdelijk omdat de waarde van je beleggingen continu fluctueert.

Zie voor meer uitleg bij ‘Wat is jaarlijkse herverdeling?’

Eenmaal per jaar herstelt Aegon de waarden van je beleggingen naar de gewenste verhouding.
Dit het herstelproces noemt Aegon ‘jaarlijkse herverdeling’ en het brengt daarvoor jaarlijks 0,25% kosten in rekening, uitsluitend over het (eventuele) bedrag dat daadwerkelijk wordt herverdeeld.

49. Wat gebeurt er met de 20 miljoen die Aegon zou bijdragen aan het ‘nettoproduct’?

Aegon betaalt onze Stichting 1 euro (50%) per ingelegde 2 euro, totdat het afgesproken totaal van 20 miljoen euro is bereikt. Deze 50% per euro van Aegon  geeft de Stichting direct door in de vorm van een jaarlijkse bonus van 50% op 500 euro inleg.

Het maximum van 500 euro is vastgesteld om te voorkomen dat ‘kapitaalkrachtige’ medewerkers (die grote bedragen kunnen inleggen) het grootste deel van de 20 miljoen euro naar zich toe trekken.

50. Waar vind ik het officiële Reglement van het Netto Havenpensioen?

De officiële spelregels van het Netto Havenpensioen zijn vastgelegd in het Reglement van het Netto Havenpensioen van SVBPVH’. Dit Reglement vind je op onze website havenpensioen.nl/stap 6.

Aegon Bank stelt daarnaast haar eigen regels. Deze zijn vastgelegd in de ‘Productvoorwaarden’ (ook op havenpensioen.nl/stap 6) en in de ‘Algemene Voorwaarden Aegon Bank N.V.’. Deze laatste staan op aegon.nl.

 

 

Stap 7

Wat is er gebeurd met Stap 7?

 

 

Stap 7 bestaat niet meer.

Stap 7 was ooit bedoeld als uitvoeringsmogelijkheid voor het eventuele restant van onze middelen. 
In de loop van 2016 heeft ons gehele budget een bestemming gevonden en is het voormalige, tijdelijke restant toegewezen aan de Stappen 4b, 4c, 4d en 4e (Senioren FIT-regelingen voor medewerkers van de geboortejaren 1960 t/m 1997 en een dienstverband per 1 februari 2013).

 

 

Nog vragen?

 

Bas van der Meulen is elke werkdag bereikbaar tot 16.00 uur.
Bel Bas: 010 - 44 88 777
E-mailen kan ook:
helpdesk@havenpensioen.nl

 

 Nieuws 

Bewaar het bestand Verzekeringswissel.pdfAanpassing NHP: bonus blijft gelijk

 

Algemene pensioenvragen?
Bel AEGON: 070 - 3444 999

 

Mijn vraag zit er niet bij!

Disclamer Copyright